nieuws

van ons

De beslissende rechter

In vrijwel elke procedure vindt een zitting plaats bij de rechtbank. De cliënt is zenuwachtig al staat hij nog zo in zijn gelijk en ik – de advocaat – ga voor cliënt door het vuur met alles wat in mijn macht ligt. De advocaat wederpartij wordt bestookt met mijn juridische betweterigheid. De wederpartij zelf maak ik het leven zuur met indringende – en uiteraard sturende – vragen en opmerkingen. En de rechter…. Die probeer ik als het even kan te overtuigen van het gelijk van mijn cliënt door deze te charmeren. Overdrijven dient voorkomen te worden maar een slinkse move kan geen kwaad. Lastiger wordt dit bij het hof nu daar niet één, maar drie rechters (raadsheren), zitting houden. Beïnvloeding wordt daar moeilijker maar onmogelijk is (bijna) niets.

Een andere rechter beslist... Mag/kan dat?

Je zou denken dat de rechter(s) die tegenover je zit(ten) ook degene is (zijn) die uiteindelijk oordeelt (oordelen) over de zaak. Het klinkt toch logisch dat de rechters waartegen je hebt gesproken en die je van informatie hebt voorzien, ook de rechters zijn die zich buigen over het gelijk in de procedure.  

Toch is dat niet altijd het geval en buigt juridisch Nederland zich vaak over de vraag hoe hiermee om te gaan. Recent deed de Hoge Raad nog twee uitspraken (ECLI:NL:HR:2019:1281 en ECLI:NL:HR:2019:1242) over dit onderwerp.

Hoofdregel is, gelukkig, dat een aan de zitting voorafgaande mondelinge behandeling van een zaak dient plaats te vinden ten overstaan van die rechters of raadsheren die de beslissing zullen nemen, zo onderschrijft de Hoge Raad.

Recht zou niet “krom” zijn zonder dé uitzondering op de hoofdregel: van de hoofdregel mag afgeweken worden als partijen voorafgaand aan de mondelinge behandeling zijn geïnformeerd dat deze zal worden gehouden ten overstaan van een andere rechter (rechter-commissaris of raadsheer-commissaris) dan die de uitspraak doet. In dat geval wordt aan partijen de gelegenheid geboden te verzoeken om de mondelinge behandeling wel te houden voor die rechters die de beslissing zullen nemen. Een dergelijk verzoek moet (uiteraard in beginsel want er kunnen altijd zwaarwegende gronden zijn) worden toegewezen.

De vraag die dit bij mij oproept?

Waarom een hoofdregel opstellen die zich leent voor een uitzondering welke uitzondering dan weer ongedaan kan worden gemaakt en omgezet kan worden in de hoofdregel? Komt mij voor als zinloos. Dit te meer nu de hoofdregel een regel zou moeten zijn die zich niet leent voor een uitzondering.

Rechtzoekenden hebben het recht gehoord te worden door de rechter die over de zaak beslist.

Meer weten? Maak gerust een afspraak of bel!