nieuws

van ons

Schadevergoeding bij waardedaling aandelen?

Kan een aandeelhouder een schadevergoeding vorderen van een persoon of rechtspersoon die schade heeft toegebracht aan zijn BV of NV, omdat zijn aandelen minder waard zijn geworden?

De Hoge Raad heeft op 2 december 2004 (HR Poot/ABP) beslist dat de aandeelhouder in beginsel geen aanspraak kan maken op vergoeding van die (afgeleide) schade. De reden hiervoor is dat de BV/NV zelf een schadevordering dient in te stellen. Wanneer ook de aandeelhouders voor deze ‘zelfde schade’ vorderingen jegens de betreffende derde zouden kunnen instellen, zou dit niet alleen chaotische verhaalsituaties veroorzaken maar ook de positie van andere schuldeisers van de BV/NV ondergraven.

In september en oktober 2018 heeft de Hoge Raad twee nieuwe arresten gewezen waardoor dit zogenaamde leerstuk van de ‘afgeleide schade’ verder is verduidelijkt.

Geen afgeleide schade

In het Licorno-arrest (HR 29 september 2018) gaat het om een koper van aandelen die schadevergoeding vordert op grond van schending van de garanties uit de koopovereenkomst. Het betreft eigen schade die de koper heeft geleden doordat de aandelen minder waard blijken te zijn dan de koper op grond van de garanties mocht verwachten en waardoor hij ook een te hoge koopprijs heeft betaald. De schade van de koper is volgens de Hoge Raad geen afgeleide schade, omdat de grondslag van de schadevergoedingsplicht is gelegen in de koopovereenkomst met betrekking tot de aandelen. Er is met andere woorden geen schade toegebracht aan de vennootschap. De aandelen zijn minder waard dan de koper op grond van de garanties mocht verwachten.

Wel afgeleide schade

In het Potplantenkwekerij-arrest (HR 12 oktober 2018) concludeert de Hoge Raad dat er wel sprake is van afgeleide schade. Afgeleide schade die wel voor vergoeding in aanmerking komt! Een op het eerste oog verrassende uitspraak, die overigens duidelijk niet in strijd is met het Poot/ABP-arrest. In het Potplantenkwekerij-arrest stond namelijk vast dat de vennootschap geen vorderingsrecht had, omdat jegens de aandeelhouder wel, maar jegens de vennootschap niet onrechtmatig gehandeld was. Chaotische verhaalsituaties en het verzwakken van de positie van andere schuldeisers van de BV/NV waren hier dan ook niet aan de orde.

Voor degenen die overwegen aandelen te kopen is de recente jurisprudentie zeker van belang. Immers staat nu vast dat wanneer gekochte aandelen minder waard blijken te zijn dan de koopprijs, dit geen afgeleide maar rechtstreekse eigen schade van de koper is.  Voorwaarde is wel dat e.e.a. op de juiste wijze is vastgelegd in het koopcontract aandelen. Het spreekt voor zich dat reijnders advocaten u daarbij graag helpt.

Meer weten over het kopen van aandelen?

Veel gestelde vragen

Je kunt je werknemers houden aan een concurrentiebeding indien dit beding is opgenomen in een contract voor onbepaalde tijd. In uitzonderlijke gevallen kun je een concurrentiebeding opnemen in een contract voor bepaalde tijd indien schriftelijk gemotiveerd is dat er zwaarwichtige bedrijfs- of dienstbelangen zijn die het beding rechtvaardigen. Zie ook Rechter maakt korte metten met concurrentiebeding in arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd!

Wanneer een ondernemer kansen ziet, wil hij deze vanzelfsprekend graag benutten. Vaak is daarvoor financiering nodig. Bijvoorbeeld voorraadfinanciering en financiering ten behoeve van een nieuw aan te schaffen efficiëntere machine. Uw bank zal op basis van bancaire financieringsnormen uw financieringsverzoek beoordelen.  Belangrijk daarbij is dat de bank voldoende zekerheid krijgt dat het aan u te lenen bedrag terug betaald wordt. De onderliggende waarde van de aan de bank veelal te verpanden inventaris, machines en debiteurenvorderingen worden op voorzichtige percentages ingeschat.

Leasing als financieringsvorm biedt als grote voordeel dat de financierder, de leasemaatschappij, veelal bereid is een substantieel groter percentage (tot 100%) van de specifiek door u gewenste asset, machine, te financieren dan de bank. Logisch, indien u beseft dat bij de leasemaatschappij specifieke kennis aanwezig is omtrent verschillende machines en andere roerende zaken en grip heeft op de waardeontwikkeling (2e hands) en het onderhoud.

Factoring biedt als grote voordeel dat u niet 60-90 dagen of langer op uw debiteuren hoeft te wachten. Factoring biedt de mogelijkheid van bevoorschotting op uw debiteurenvorderingen tot 100%. U maakt aldus uw debiteurenportefeuille liquide en beschikt dus eerder over geld om bijvoorbeeld nieuwe voorraad te kunnen kopen. Bij factoring ‘verkoopt’ u als het ware uw vordering op een debiteur aan een gespecialiseerd factoringbedrijf voor een bedrag dat net iets minder is dan de vordering. Hierdoor wordt de vordering aan u direct voldaan, en verhaalt het bedrijf de vordering weer bij uw oorspronkelijke debiteur. De voordelen hiervan zijn duidelijk: u hoeft niet onnodig lang op uw geld te wachten. Een nadeel is dat u in ruil voor het afdekken van het risico op wanbetaling van uw debiteur, niet het volledige bedrag betaald krijgt. Ook zijn niet alle debiteurenvorderingen en portefeuilles geschikt voor factoring.

Wanneer het een bedrijf voor de wind gaat, wordt er vaak van uit gegaan dat de bank die nu uw groei financiert, ook in slechte tijden – wanneer het bedrijf zich in noodweer bevindt – paraplu’s uitdeelt om u voor erger te behoeden. De realiteit vertelt echter meestal een ander verhaal. De bank zal het krediet in veel gevallen opzeggen en binnen korte tijd willen opeisen. Wat kunt u doen?

De eerste optie waar veel ondernemers aan denken is om de pijlen te richten op de bank om de rechtmatigheid van de intrekking aan te vechten om het krediet te kunnen behouden. Het blijkt dat deze aanval over het algemeen niet erg kansrijk is en veelal alleen maar meer kosten (en frustratie) met zich meebrengt.

Een betere optie is om voor de korte financiering (rekening-courant krediet) op zoek te gaan naar vervanging. Dit kan door bijvoorbeeld een investeerder te zoeken of het gat zelf aan te vullen door middel van verkoop van voorraad en inventaris.
Voor het krediet op lange termijn (geldlening) kunt u het beste uw bedrijf onder de loep nemen met een expert . Hij kan u aangeven wat er nodig is om uw bedrijf weer financieel gezond te maken. Hiermee is de kans veel groter dat u de bank overhaalt tot het opschorten van de eis tot betaling. De belangen van de ondernemer en de bank zijn hier immers hetzelfde: het door laten lopen van de lening en het voorkomen van gedwongen verkoop. Zowel de bank als u zullen immers veelal door executoriale verkoop ‘wonden moeten likken’.

Het is dus slimmer om goed naar uw bedrijf te kijken in plaats van direct tot de aanval over te gaan. Dit kan u kosten besparen en de kans op het redden van uw bedrijf aanzienlijk vergroten.

 

Indien je rechtsbijstand nodig hebt, maar hier onvoldoende geld voor hebt, kun je aanspraak maken op gesubsidieerde rechtsbijstand. Dit wordt ook wel een toevoeging genoemd. Het is afhankelijk van wat je verdient, je vermogen, financiële opbrengst van de zaak en de reden dat je rechtsbijstand nodig hebt. Deze wordt ingediend bij de Raad voor Rechtsbijstand. De raad bepaalt vervolgens of je recht hebt op gefinancierde rechtsbijstand en of je nog een eigen bijdrage moet betalen.