nieuws

van ons

Wanneer is een concurrentiebeding rechtsgeldig overeengekomen?

Concurrentiebedingen zijn regelmatig onderwerp van discussie en leiden regelmatig tot een procedure. Het gaat dan vaak over de (on)redelijkheid en de omvang van het concurrentiebeding en/of de rechtsgeldigheid van de totstandkoming daarvan.

In dit artikel wordt stilgestaan bij de vraag wanneer een concurrentiebeding rechtsgeldig is overeengekomen. Recent heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam deze vraag voorgeschoteld gekregen.

Vereisten concurrentiebeding

Uit de wet volgt dat een concurrentiebeding schriftelijk moet worden overeengekomen met een meerderjarige werknemer. Daarnaast is bepaald dat in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd alleen een concurrentiebeding kan worden overeengekomen, wanneer schriftelijk is gemotiveerd dat het beding noodzakelijk is vanwege zwaarwegende bedrijfs- en/of dienstbelangen.

In 2008 heeft de Hoge Raad overwogen dat een concurrentiebeding ook in een ander document () kan worden opgenomen. Meestal gaat het dan om een arbeidsvoorwaardenreglement of personeelsregeling. Een concurrentiebeding is dan rechtsgeldig overeengekomen als:

  1. het document als bijlage bij de ondertekende arbeidsovereenkomst is gevoegd én in de arbeidsovereenkomst naar het document wordt verwezen; of
  2. de werknemer zich in het ondertekende document uitdrukkelijk akkoord verklaart met het concurrentiebeding.   

Ondanks dat deze vereisten duidelijk zijn, zijn er na 2008 diverse procedures gevoerd over gevallen waarin niet geheel aan deze voorwaarden werd voldaan, maar waarbij wel aannemelijk was dat de werknemer bekend was met het concurrentiebeding. Dit was ook aan de orde in de eerder genoemde uitspraak van de Rechtbank Amsterdam.

Recente uitspraak Rechtbank Amsterdam

De werknemer heeft de rechter in deze procedure verzocht te oordelen dat zijn voormalige werkgever (Talpa TV)  moet toestaan dat hij bij een concurrent gaat werken. Talpa TV voert verweer en stelt  dat de oud-werknemer het tussen partijen overeengekomen concurrentiebeding overtreedt.

In 2015 is de werknemer bij de rechtsvoorganger van Talpa TV in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd voor de duur van een jaar. Deze overeenkomst is na een jaar verlengd met opnieuw een jaar. Na het verstrijken van de bepaalde duur werd een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aangeboden. De verlengingen zijn telkens per brief aan de werknemer bevestigd. In de bevestigingsbrieven  is opgenomen dat het concurrentiebeding zoals verwoord in artikel 5 van het Personeelshandboek deel uitmaakt van die arbeidsovereenkomst. Behoudens de bevestigingsbrief van de verlenging van de overeenkomst voor bepaalde tijd heeft de werknemer de brieven niet voor ontvangst en akkoord ondertekend.  

Na enkele maanden kreeg de werknemer een aanbod van een concurrent van Talpa TV, waarna hij heeft besloten om zijn arbeidsovereenkomst met Talpa TV op te zeggen. Gedurende enkele weken hebben partijen met elkaar gecorrespondeerd, waarbij de werknemer herhaaldelijk naar een eventueel toepasselijk concurrentiebeding heeft gevraagd. Hierop heeft de werknemer geen duidelijkheid verkregen. De werknemer geeft daarom aan Talpa TV aan dat hij -nu hij geen reactie heeft gehad-  ervan uitgaat dat er geen probleem en beperking is om bij de concurrent te gaan werken. De volgende dag liet Talpa TV echter  weten dat zij de werknemer onverkort aan het concurrentiebeding zal houden. De werknemer besluit daarom om een procedure te starten waarin hij verzocht om indiensttreding bij de concurrent toe te staan.

Het oordeel van de rechter is simpel.  De werknemer is niet  gebonden aan het concurrentiebeding, omdat hij niet door ondertekening daarmee heeft ingestemd. Het gegeven dat de werknemer bekend is met het bestaan van een concurrentiebeding, zich bewust is van de inhoud en strekking daarvan en de verwijzingen in de brief leidt tot geen ander oordeel.  Er is namelijk niet voldaan aan de wettelijke vereisten, waardoor het concurrentiebeding niet rechtsgeldig is overeengekomen en daarmee niet van toepassing is. De werknemer is vrij om bij de concurrent in dienst te treden.

Deze uitspraak maakt duidelijk dat het van belang is dat alle wettelijke vereisten in acht worden genomen bij het sluiten van een concurrentiebeding. Bent u voornemens een concurrentiebeding te sluiten of bent u een concurrentiebeding overeengekomen en heeft u daar vragen over, neem dan contact met ons op zodat u niet voor verrassingen komt te staan.