nieuws

van ons

Wet herziening van het beslag- en executierecht

Op 1 oktober 2020 is de Wet herziening van het beslag- en executierecht in werking getreden. Op 1 januari en 1 april 2021 treden aanvullend nog enkele onderdelen in werking (zie hierna). De wet leidt tot aanpassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv).

Met de Wet wordt getracht om een meer gebalanceerd speelveld te krijgen tussen crediteur en debiteur op het gebied van beslag- en executierecht. Onder meer wordt getracht te voorkomen dat ten nadele van de schuldenaar schuldverhogende maatregelen worden genomen welke niet direct tot meer verhaal voor de schuldeiser leiden.

De 8 belangrijkste wijzigingen

  • Stevigere beslagvrije voet (art. 475a Rv). Naast de beslagvrije voet die geldt bij loonbeslag, wordt ook een beslagvrij bedrag op een bankrekening in acht genomen. Op dat bedrag kan in geval van beslag onder een bank geen beslag worden gelegd. Dit beslagvrij bedrag geldt per bankrekening en kan dus cumuleren.
     
  • Beslagvrije goederen gemoderniseerd. Het soort en aantal roerende zaken waarop geen beslag mag worden gelegd (‘lijfsgoederen’ zoals kleding etc.) is uitgebreid. Er mag onder meer ook geen beslag worden gelegd op goederen die een schuldenaar nodig heeft om te voorzien in zijn levensonderhoud, denk dan aan bijvoorbeeld werkmateriaal van een stukadoor.
     
  • Schuldverhogend verhaalsbeslag wordt verboden. Indien het beslag en de executie (naar verwachting) meer kost dan het oplevert, is beslag niet meer toegestaan. Het verhaalsbeslag mag dus niet meer uitsluitend worden ingezet als pressiemiddel (art. 441 lid 3 Rv).
     
  • De deurwaarder kan bij banken informeren of de schuldenaar daar bankiert. Daarmee wordt bewerkstelligd dat niet onnodig (en dus kostenverhogend) bankbeslag wordt gelegd (art. 475aa Rv).
     
  • Versimpeling én versnelling derdenverklaring (art. 475 lid 2, 476a, 476b en het Besluit Verklaring derdenbeslag Rv). De termijn waarna de derde dient te verklaren wordt verkort van vier naar twee weken.
     
  • Administratief beslag op motorrijtuigen mogelijk (art. 442 Rv). Voor het leggen van beslag op een voertuig kan registratie van het beslag bij de RDW volstaan; de deurwaarder hoeft het voertuig niet daadwerkelijk aan te treffen.
     
  • Ook roerende zaken kunnen voortaan online geveild worden (art. 463 lid 2 Rv en 464 Rv).
     
  • De kantonrechter is bevoegd in executiegeschillen die zijn ontstaan naar aanleiding van een uitspraak van de kantonrechter (art. 438 Rv).

Bent u geconfronteerd met een beslaglegging of wilt u de mogelijkheden van het leggen van beslag bespreken? Bel ons gerust!