nieuws

van ons

Is de tuchtrechtelijke veroordeling een voorportaal voor een schadevergoeding?

In Nederland gevestigde en actief zijnde klassieke beroepsbeoefenaren zoals accountants, advocaten, artsen, notarissen etc. staan allen onder tuchtrechtelijk toezicht.

Wanneer een tuchtrechter van mening is dat betreffende beroepsuitoefenaar tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld dan kan deze een straf of maatregel opleggen, zoals een waarschuwing of berisping. Herhaalde tuchtrechtelijke veroordelingen leiden tot het - al dan niet tijdelijk - niet meer mogen uitoefenen van het beroep.

Wat is tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen?

Dat is “enig handelen of nalaten in strijd met de zorg die de beroepsuitoefenaar behoort te betrachten” of “strijd met hetgeen een behoorlijke beroepsuitoefenaar betaamt”.

Vaak wordt (door advocaten) een tuchtrechtelijke procedure als voorportaal van een civiele procedure (schadevergoedingsprocedure) gezien. De gedachte daarbij is dat wanneer de met alle ‘ins and outs’ van betreffend beroep bekende tuchtrechter van mening is dat iets niet goed gegaan is en een tuchtrechtelijke straf oplegt, de civiele rechter snel geneigd zal zijn om een vordering tot schadevergoeding toe te wijzen.

Daarbij komt dat de civiele norm voor beroepsaansprakelijkheid luidt: “het handelen of nalaten in strijd met de zorgvuldigheid van een redelijk handelend en redelijk bekwaam beroepsgenoot” en dus wel veel weg heeft van de tuchtnorm.

Tuchtrechter vs. civiele rechter

Onderzoek over een periode van 10 jaar heeft echter uitgewezen dat slechts in 10% van de onderzochte 105 civiele zaken het oordeel van de tuchtrechter een grote rol speelde!

In bijna 50% van de zaken wijkt de civiele rechter in meer of mindere mate af van het oordeel van de tuchtrechter en in veruit de meeste gevallen waarin de civiele rechter niet afwijkt van het oordeel van de tuchtrechter (de resterende 50% van de onderzochte zaken), speelde de tuchtrechtelijke uitspraak een ondergeschikte rol. Hoewel de tuchtnorm erg lijkt op de civiele aansprakelijkheidsnorm blijkt het oordeel van de tuchtrechter niet doorslaggevend voor het oordeel van de civiele rechter.

Kan dit verklaard worden?

Ja, toch wel. Het tuchtrecht dient namelijk een geheel ander doel dan het civiele recht, namelijk het algemene belang dat gediend is met een goede beroepsuitoefening versus het individuele belang, de vergoeding van schade, waarop het civiele recht gericht is.

De betekenis van een tuchtrechtelijk oordeel voor beroepsaansprakelijkheid wordt in de praktijk dan ook wel overschat!

In 2015 heeft de Hoge Raad wel bepaald dat indien de civiele rechter afwijkt van het oordeel van de tuchtrechter, hij zijn oordeel zodanig dient te motiveren dat het, ook in het licht van de beoordeling door de tuchtrechter, voor de rechtzoekende voldoende begrijpelijk is. Op 22 september 2017 heeft de Hoge Raad deze uitspraak met zoveel woorden herhaald in een zaak waar een tuchtrechtelijk veroordeelde accountant door het Hof niet civielrechtelijk werd veroordeeld.
 

Vragen over dit onderwerp?

Neem contact op met Jop